Van TikTok naar de getuigenbank: hoe sociale media een strafzaak kunnen beïnvloeden
Pieter Smit ·
Luister naar dit artikel~5 min
True-crime-fans willen niet langer toekijken, maar deelnemen. Ontdek hoe een TikTok-video van een voormalig ziekenhuismedewerker de rechtszaak van Lindsay Clancy beïnvloedde en waar de grens ligt tussen publieke opinie en de rechtszaal.
True-crime-fans kijken niet langer passief toe vanaf de zijlijn. Steeds vaker willen ze actief deelnemen aan een zaak. Denk aan de recente voorbeelden: TikTok zorgde ervoor dat de broers Menendez decennia na hun veroordeling weer volop in de nationale schijnwerpers stonden. De smaadzaak tussen Johnny Depp en Amber Heard werd dagelijkse kost op sociale media. En Luigi Mangione kreeg een intense internet-fanbase nog voordat zijn rechtszaak begon.
Het publiek is niet meer tevreden met alleen het volgen van een zaak. Mensen willen zelf onderzoek doen, invloed uitoefenen en zich soms zelfs mengen in de procedure. Het meeste van die activiteit speelt zich af buiten de rechtszaal, waar het de publieke opinie vormgeeft zonder officieel onderdeel te worden van de zaak. Maar die grens wordt nu op de proef gesteld in het proces tegen Lindsay Clancy.
### De zaak Clancy: een grensgeval
Clancy is de moeder uit Massachusetts die in januari 2023 wordt beschuldigd van de moord op haar drie jonge kinderen. Haar verdediging geeft toe dat zij hen heeft gedood, maar stelt dat ze leed aan postpartumpsychose en daarom niet strafrechtelijk verantwoordelijk was voor haar daden. Online verwerpen sommige kijkers echter beide versies en starten ze hun eigen parallelle onderzoek.
Toch was het niet een van hun complottheorieën die de rechtszaak haalde. De advocaten van Clancy raakten juist geïnteresseerd in een video van Emily Thorndike, die meer dan vijf miljoen keer is bekeken. Thorndike is een gediplomeerd klinisch maatschappelijk werker en werkte meer dan zeven jaar op dezelfde kortdurende afdeling van McLean Hospital waar Clancy later werd behandeld.
### De rol van een insider
Thorndike vertrok ongeveer een jaar voordat Clancy in het ziekenhuis verbleef en had geen directe kennis van haar behandeling. Toch plaatste ze na het bekijken van het proces een video waarin ze bekritiseerde hoe aanklagers de personeelsbezetting, middelen en beschikbare zorg van het ziekenhuis voorstelden, vooral in het weekend en op feestdagen. Ze beschuldigde getuigen van het verspreiden van 'leugens en verdraaiingen' over McLean.
Op 11 augustus vroeg de verdediging van Clancy aan de rechter om Thorndike aan de getuigenlijst toe te voegen. Dat verzoek zette de bekende route van rechtszaal naar TikTok volledig op zijn kop.
'Ik weet nauwelijks wat TikTok is' — Dat zei de ervaren strafpleiter Kevin Reddington tijdens de hoorzitting. Hij ontdekte Thorndike niet zelf door te scrollen. Iemand uit de TikTok-gemeenschap rond het proces mailde hem haar video en drong erop aan die te bekijken. Na het zien van de video van negen minuten en 58 seconden, geloofde Reddington dat Thorndike's ervaring de bewering van de aanklager kon uitdagen dat Clancy toegang had tot uitgebreide behandeling maar daar niet volledig aan deelnam.
### De zoektocht naar een getuige
Het vinden van Thorndike bleek een uitdaging. Haar account gebruikte niet haar volledige naam, waardoor het kantoor van Reddington haar in eerste instantie niet kon identificeren. Zijn privédetective Bob Jones belde en liet berichten achter. Toen ze drie dagen niet reageerde, wachtte hij buiten haar huis op haar. Thorndike legde later uit dat ze dacht dat de benadering nep was: 'Ik dacht dat jullie allemaal AI waren!'
Toen het contact eenmaal was gelegd, stemde Thorndike ermee in om te getuigen over de personeelsbezetting en programma's die ze tijdens haar tijd bij McLean had gezien, ook als supervisor. Maar die ervaring had een grote beperking: ze vertrok in december 2021 en kon niets zeggen over de omstandigheden die Clancy een jaar later persoonlijk aantrof.
### De grens tussen publieke opinie en rechtszaal
De aanklagers maakten bezwaar tegen de late aanmelding. Ze wezen erop dat Thorndike geen deskundige getuige was en het proces had gevolgd terwijl ze publiekelijk kritiek uitte op de getuigenissen. Assistent-officier van justitie Shanan Buckingham stelde dat haar bredere kritiek op McLean thuishoorde in de 'rechtbank van de publieke opinie', maar niet 'binnen de muren van deze rechtszaal'.
Rechter William Sullivan was het daarmee eens: Thorndike kon de jury niet zomaar haar persoonlijke mening geven. Deze zaak laat zien hoe dun de lijn is tussen online betrokkenheid en officiële juridische procedures. Sociale media kunnen een zaak op de kaart zetten, maar uiteindelijk bepaalt de rechter wat er binnen de rechtszaal wordt toegelaten.